februari 2028
Vandaag
Datum / filter
Klassen markeren
Jaaroverzicht →
PaarsKlasse IV

Maandag na Sexagesima

Verloop
Tekstweergave
Tekstweergave
Lettergrootte
18 px
Inhoud

Voorbereiding

⋯
Latijn

In nómine Patris, † et Fílii, et Spíritus Sancti. Amen.

Nederlands

In de naam van de Vader † en de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

Latijn

℣. Introíbo ad altáre Dei.

Nederlands

℣. Ik zal opgaan tot het altaar van God.

℟. Ad Deum, qui lætíficat juventútem meam.

℟. Tot God, die mijn jeugd met vreugde vervult.

Latijn

℣. Júdica me, Deus, et discérne causam meam de gente non sancta: ab hómine iníquo et dolóso érue me.

Nederlands

℣. Doe mij recht, God, en scheid mijn zaak van het onheilige volk: bevrijd mij van de onrechtvaardige en bedrieglijke mens.

℟. Quia tu es, Deus, fortitúdo mea: quare me repulísti, et quare tristis incédo, dum afflígit me inimícus?

℟. Want Gij zijt, God, mijn sterkte: waarom hebt Gij mij verstoten, en waarom ga ik bedroefd rond, terwijl de vijand mij kwelt?

Latijn

℣. Emítte lucem tuam et veritátem tuam: ipsa me deduxérunt et adduxérunt in montem sanctum tuum et in tabernácula tua.

Nederlands

℣. Zend uw licht en uw waarheid uit: zij hebben mij geleid en gebracht naar uw heilige berg en naar uw woningen.

℟. Et introíbo ad altáre Dei, ad Deum, qui lætíficat juventútem meam.

℟. En ik zal naderen tot het altaar van God, tot God, die mijn jeugd verblijdt.

Latijn

℣. Confitébor tibi in cíthara, Deus, Deus meus: quare tristis es, ánima mea, et quare contúrbas me?

Nederlands

℣. Ik zal U loven op de citer, God, mijn God. Waarom zijt gij bedroefd, mijn ziel, en waarom verontrust gij mij?

℟. Spera in Deo, quóniam adhuc confitébor illi: salutáre vultus mei, et Deus meus.

℟. Hoop op God, want ik zal Hem nog loven: het heil van mijn aangezicht en mijn God.

Latijn

℣. Glória Patri, et Fílio, et Spirítui Sancto.

Nederlands

℣. Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.

℟. Sicut erat in princípio, et nunc, et semper: et in sǽcula sæculórum. Amen.

℟. Zoals het was in het begin, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Latijn

℣. Introíbo ad altáre Dei.

Nederlands

℣. Ik zal opgaan naar het altaar van God.

℟. Ad Deum, qui lætíficat juventútem meam.

℟. Naar God, die mijn jeugd verblijdt.

Latijn

℣. Adjutórium nostrum † in nómine Dómini.

Nederlands

℣. Onze hulp † is in de naam van de Heer.

℟. Qui fecit cælum et terram.

℟. Die hemel en aarde gemaakt heeft.

Latijn

℣. Confíteor Deo omnipoténti, beátæ Maríæ semper Vírgini, beáto Michaéli Archángelo, beáto Ioánni Baptístæ, sanctis Apóstolis Petro et Paulo, ómnibus Sanctis, et vobis, fratres, quia peccávi nimis cogitatióne, verbo et ópere: mea culpa, mea culpa, mea máxima culpa.

Nederlands

℣. Ik belijd aan God de almachtige, aan de heilige Maria altijd Maagd, aan de heilige Michaël de Aartsengel, aan de heilige Johannes de Doper, aan de heilige apostelen Petrus en Paulus, aan alle heiligen en aan u, broeders, dat ik veel heb gezondigd in gedachten, woorden en daden: door mijn schuld, door mijn schuld, door mijn grote schuld.

Latijn

℣. Ideo precor beátam Maríam semper Vírginem, beátum Michaélem Archángelum, beátum Joánnem Baptístam, sanctos Apóstolos Petrum et Paulum, omnes Sanctos, et vos, fratres, oráre pro me ad Dóminum, Deum nostrum.

Nederlands

℣. Daarom bid ik de zalige Maria, altijd Maagd, de heilige aartsengel Michaël, de heilige Johannes de Doper, de heilige apostelen Petrus en Paulus, alle heiligen en u, broeders, voor mij te bidden tot de Heer, onze God.

Latijn

℟. Misereátur tui omnípotens Deus, et, dimíssis peccátis tuis, perdúcat te ad vitam ætérnam.

Nederlands

℟. Moge de almachtige God zich over u ontfermen, en, nadat uw zonden zijn vergeven, u geleiden tot het eeuwig leven.

℣. Amen.

℣. Amen.

Latijn

℟. Confíteor Deo omnipoténti, beátæ Maríæ semper Vírgini, beáto Michaéli Archángelo, beáto Joánni Baptístæ, sanctis Apóstolis Petro et Paulo, ómnibus Sanctis, et tibi, pater: quia peccávi nimis cogitatióne, verbo et ópere: mea culpa, mea culpa, mea máxima culpa. Ideo precor beátam Maríam semper Vírginem, beátum Michaélem Archángelum, beátum Joánnem Baptístam, sanctos Apóstolos Petrum et Paulum, omnes Sanctos, et te, pater, oráre pro me ad Dóminum, Deum nostrum.

Nederlands

℟. Ik belijd aan de almachtige God, aan de zalige Maria, altijd Maagd, aan de heilige aartsengel Michaël, aan de heilige Johannes de Doper, aan de heilige apostelen Petrus en Paulus, aan alle heiligen en aan u, vader, dat ik zeer gezondigd heb in gedachten, woorden en werken: door mijn schuld, door mijn schuld, door mijn grote schuld. Daarom bid ik de zalige Maria, altijd Maagd, de heilige aartsengel Michaël, de heilige Johannes de Doper, de heilige apostelen Petrus en Paulus, alle heiligen en u, vader, voor mij te bidden tot de Heer, onze God.

Latijn

℣. Misereátur vestri omnípotens Deus, et, dimíssis peccátis vestris, perdúcat vos ad vitam ætérnam.

Nederlands

℣. Moge de almachtige God zich over u ontfermen, uw zonden vergeven en u leiden tot het eeuwige leven.

℟. Amen.

℟. Amen.

Latijn

℣. Indulgéntiam, † absolutiónem et remissiónem peccatórum nostrórum tríbuat nobis omnípotens et miséricors Dóminus.

Nederlands

℣. Moge de almachtige en barmhartige Heer ons kwijtschelding, † vergeving en vergiffenis van onze zonden schenken.

℟. Amen.

℟. Amen.

Latijn

℣. Deus, tu convérsus vivificábis nos.

Nederlands

℣. God, wend U tot ons en schenk ons leven.

℟. Et plebs tua lætábitur in te.

℟. En uw volk zal zich in U verheugen.

℣. Osténde nobis, Dómine, misericórdiam tuam.

℣. Toon ons, Heer, uw barmhartigheid.

℟. Et salutáre tuum da nobis.

℟. En schenk ons uw heil.

℣. Dómine, exáudi oratiónem meam.

℣. Heer, verhoor mijn gebed.

℟. Et clamor meus ad te véniat.

℟. En laat mijn geroep tot U komen.

℣. Dóminus vobíscum.

℣. De Heer zij met u.

℟. Et cum spíritu tuo.

℟. En met uw geest.

Latijn

Orémus, Aufer a nobis, quǽsumus, Dómine, iniquitátes nostras: ut ad Sancta sanctórum puris mereámur méntibus introíre. Per Christum, Dóminum nostrum. Amen.

Nederlands

Laat ons bidden. Neem onze ongerechtigheden van ons weg, zo bidden wij U, Heer, opdat wij waardig zijn met een zuiver hart het Allerheiligste binnen te gaan. Door Christus, onze Heer. Amen.

Latijn

Orámus te, Dómine, per mérita Sanctórum tuórum, quorum relíquiæ hic sunt, et ómnium Sanctórum: ut indulgére dignéris ómnia peccáta mea. Amen.

Nederlands

Wij bidden U, Heer, door de verdiensten van uw heiligen, van wie de relieken hier rusten, en van alle heiligen: wil mij genadig al mijn zonden vergeven. Amen.

Opening

⋯
Latijn

Exsúrge, quare obdórmis, Dómine? exsúrge, et ne repéllas in finem: quare fáciem tuam avértis, oblivísceris tribulatiónem nostram? adhæsit in terra venter noster: exsúrge, Dómine, ádjuva nos, et líbera nos.

Deus, áuribus nostris audívimus: patres nostri annuntiavérunt nobis.

Gloria Patri, et Filio, et Spiritui Sancto. Sicut erat in principio, et nunc, et semper, et in saecula saeculorum. Amen.

Exsúrge, quare obdórmis, Dómine? exsúrge, et ne repéllas in finem: quare fáciem tuam avértis, oblivísceris tribulatiónem nostram? adhæsit in terra venter noster: exsúrge, Dómine, ádjuva nos, et líbera nos.

Nederlands

Rijs op, o Heer, wat slaapt Gij? Rijs op en blijf ons niet immer verstoten. Waarom wendt Gij uw aanschijn af, vergeet Gij onze kwelling? Ons lichaam kleeft vast aan de grond. Rijs op, o Heer, kom ons te hulp en verlos ons. Met eigen oren, o God, hebben wij het gehoord, onze vaderen hebben het ons verhaald. V. Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. R. Zoals het was in het begin en nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen. Rijs op, o Heer, wat slaapt Gij? Rijs op en blijf ons niet immer verstoten. Waarom wendt Gij uw aanschijn af, vergeet Gij onze kwelling? Ons lichaam kleeft vast aan de grond. Rijs op, o Heer, kom ons te hulp en verlos ons.

Latijn

℣. Kýrie, eléison. ℟. Kýrie, eléison. ℣. Kýrie, eléison. ℟. Christe, eléison. ℣. Christe, eléison. ℟. Christe, eléison. ℣. Kýrie, eléison. ℟. Kýrie, eléison. ℣. Kýrie, eléison.

Nederlands

℣. Heer, ontferm U over ons. ℟. Heer, ontferm U over ons. ℣. Heer, ontferm U over ons. ℟. Christus, ontferm U over ons. ℣. Christus, ontferm U over ons. ℟. Christus, ontferm U over ons. ℣. Heer, ontferm U over ons. ℟. Heer, ontferm U over ons. ℣. Heer, ontferm U over ons.

Openingsgebed

⋯
Latijn

℣. Dóminus vobíscum.

Nederlands

℣. De Heer zij met u.

℟. Et cum spíritu tuo.

℟. En met uw geest.

℣. Orémus.

℣. Laat ons bidden.

Latijn

Deus, qui cónspicis, quia ex nulla nostra actióne confídimus: concéde propítius; ut, contra advérsa ómnia, Doctóris géntium protectióne muniámur.

Nederlands

God, Gij ziet hoe wij ons vertrouwen niet stellen op enige daad van ons zelf. Zorg in uw goedheid, dat wij tegen alle moeilijkheden door de bescherming van de Leraar der heidenen beveiligd worden.

Latijn

Per Dóminum nostrum Jesum Christum, Fílium tuum: qui tecum vivit et regnat in unitáte Spíritus Sancti Deus, per ómnia sǽcula sæculórum.

Nederlands

Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon, die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God, door de eeuwen der eeuwen.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Lezing

⋯
2cor 11,19–332cor 12,1–9
Latijn

Léctio Epístolæ beáti Pauli Apóstoli ad Corínthios

Fratres: Libénter suffértis insipiéntes: cum sitis ipsi sapiéntes. Sustinétis enim, si quis vos in servitútem rédigit, si quis dévorat, si quis áccipit, si quis extóllitur, si quis in fáciem vos cædit. Secúndum ignobilitátem dico, quasi nos infírmi fuérimus in hac parte. In quo quis audet, - in insipiéntia dico - áudeo et ego: Hebræi sunt, et ego: Israëlítæ sunt, et ego: Semen Abrahæ sunt, et ego: Minístri Christi sunt, - ut minus sápiens dico - plus ego: in labóribus plúrimis, in carcéribus abundántius, in plagis supra modum, in mórtibus frequénter. A Judæis quínquies quadragénas, una minus, accépi. Ter virgis cæsus sum, semel lapidátus sum, ter naufrágium feci, nocte et die in profúndo maris fui: in itinéribus sæpe, perículis flúminum, perículis latrónum, perículis ex génere, perículis ex géntibus, perículis in civitáte, perículis in solitúdine, perículis in mari, perículis in falsis frátribus: in labóre et ærúmna, in vigíliis multis, in fame et siti, in jejúniis multis, in frigóre et nuditáte: præter illa, quæ extrínsecus sunt, instántia mea cotidiána, sollicitúdo ómnium Ecclesiárum. Quis infirmátur, et ego non infírmor? quis scandalizátur, et ego non uror? Si gloriári opórtet: quæ infirmitátis meæ sunt, gloriábor. Deus et Pater Dómini nostri Jesu Christi, qui est benedíctus in sǽcula, scit quod non méntior. Damásci præpósitus gentis Arétæ regis, custodiébat civitátem Damascenórum, ut me comprehénderet: et per fenéstram in sporta dimíssus sum per murum, et sic effúgi manus ejus. Si gloriári opórtet - non éxpedit quidem, - véniam autem ad visiónes et revelatiónes Dómini. Scio hóminem in Christo ante annos quatuórdecim, - sive in córpore néscio, sive extra corpus néscio, Deus scit - raptum hujúsmodi usque ad tértium cælum. Et scio hujúsmodi hóminem, - sive in córpore, sive extra corpus néscio, Deus scit:- quóniam raptus est in paradisum: et audivit arcána verba, quæ non licet homini loqui. Pro hujúsmodi gloriábor: pro me autem nihil gloriábor nisi in infirmitátibus meis. Nam, et si volúero gloriári, non ero insípiens: veritátem enim dicam: parco autem, ne quis me exístimet supra id, quod videt in me, aut áliquid audit ex me. Et ne magnitúdo revelatiónem extóllat me, datus est mihi stímulus carnis meæ ángelus sátanæ, qui me colaphízet. Propter quod ter Dóminum rogávi, ut discéderet a me: et dixit mihi: Súfficit tibi grátia mea: nam virtus in infirmitáte perfícitur. Libénter ígitur gloriábor in infirmitátibus meis, ut inhábitet in me virtus Christi.

Nederlands

Lezing uit de tweede Brief van de heilige Apostel Paulus aan de Corinthiërs Broeders, gij zijt zo welwillend in het verdragen van onverstandige mensen, omdat gij zelf zo wijs zijt! Gij verdraagt het immers, als men u de wet stelt, - als men u uitbuit, als men u beetneemt, - als men verwaand tegen u optreedt, als men u een slag in het gezicht geeft. Ik moet tot mijn schande bekennen: in dit opzicht zijn wij - om zo te zeggen - zwakkelingen geweest. Maar wat een ander aandurft - al is het onverstandig zo te spreken - dat durf ik ook. Zijn zij Hebreën? - ik ook. Zijn zij Israëlieten? - ik ook. Zijn zij afstammelingen van Abraham? - ik ook. Zijn zij dienstknechten van Christus? - ik spreek als een dwaze - ik nog meer; door veelvuldig zwoegen, door veel gevangenschap, door geselslagen zonder tal, door herhaaldelijk doodsgevaar. Vijfmaal heb ik van de Joden de veertig min één gekregen; driemaal ben ik met roeden gegeseld; éénmaal ben ik gestenigd; driemaal heb ik schipbreuk geleden, en eens heb ik een dag en een nacht doorgemaakt op de holle zee. Door vele voetreizen, door gevaren van rivieren, door gevaren van rovers, door gevaren van de kant van mijn eigen volk, door gevaren van de heidenen, door gevaren in de stad, door gevaren in de woestijn, door gevaren op zee, door gevaren onder valse broeders. Met werken en zwoegen, dikwijls zonder nachtrust, in honger en dorst, in veelvuldig vasten, in koude en naaktheid. En behalve al dat uitwendige, ook nog mijn dringend werk van iedere dag: de zorg voor alle kerken. Wie is er zwak, zonder dat ik het meevoel? Wie lijdt er ergernis, zonder dat ik vurig word? Als er geroemd moet worden, dan zal ik op mijn zwakheid roemen; God, die de Vader is van onze Heer Jezus Christus en gezegend is in eeuwigheid, weet dat ik niet lieg. Te Damascus liet de stadhouder van koning Aretas eens de stad van de Damascenen bewaken om mij in handen te krijgen en ... door een venster werd ik in een mand langs de muur neergelaten; en zó ontkwam ik aan zijn handen. Als er geroemd moet worden - al heeft het dan geen nut - dan zal ik overgaan tot visioenen en openbaringen des Heren. Ik ken een christenmens, die veertien jaar geleden - met het lichaam: ik weet het niet; of zonder lichaam: ik weet het niet; God weet het; - opgevoerd werd naar de derde hemel. En ik weet, dat die mens - met of zonder lichaam: dat weet ik niet; God weet het; - opgevoerd is naar het paradijs; daar vernam hij toen geheime dingen, waarover een mens niet spreken mag. Op zó iemand zal ik roemen; wat echter mij zelf betreft, zal ik alleen maar roemen op mijn zwakheden. Doch ook al wilde ik roemen, het zou niet onzinnig van mij zijn; want ik zou waarheid spreken. Maar ik wil het niet doen, opdat niemand mij hoger zou achten, dan hij van mij ziet of hoort. En opdat de grote openbaringen mij niet ijdel zouden maken, werd mij een prikkel gegeven in het vlees, een engel van de satan, die mij moet kwellen. Daarom heb ik driemaal tot de Heer gebeden, dat deze van mij zou weggaan. Maar Hij gaf mij ten antwoord: Mijn genade is voor u voldoende; want kracht komt juist bij zwakheid tot volle ontplooiing. Daarom wil ik gaarne roemen op mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij moge wonen.

Latijn

Deo grátias.

Nederlands

Wij danken God.

Tussenzangen

⋯
Latijn

Sciant gentes, quóniam nomen tibi Deus: tu solus Altíssimus super omnem terram, ℣. Deus meus, pone illos ut rotam, et sicut stípulam ante fáciem venti.

Nederlands

Laten de volkeren erkennen, dat uw Naam is: “God”; dat Gij de Allerhoogste zijt over heel de aarde, Gij alleen! V. Mijn God, maak hen gelijk aan een wentelrad, aan een strohalm in de wind.

Latijn

Commovisti, Domine, terram, et conturbasti eam. ℣. Sana contritiones ejus, quia mota est. ℣. Ut fugiant a facie arcus: ut liberentur electi tui.

Nederlands

Gij hebt het land bewogen, Heer, en het in beroering gebracht. ℣. Heel haar breuken, want zij is aan het wankelen. ℣. Opdat zij vluchten voor het aangezicht van de boog: opdat uw uitverkorenen worden gered.

Evangelie

⋯
Latijn

Munda cor meum ac lábia mea, omnípotens Deus, qui lábia Isaíæ Prophétæ cálculo mundásti igníto: ita me tua grata miseratióne dignáre mundáre, ut sanctum Evangélium tuum digne váleam nuntiáre.

Nederlands

Reinig mijn hart en mijn lippen, almachtige God, die de lippen van de profeet Jesaja met een gloeiende kool hebt gereinigd. Wil zo ook mij in uw genadige ontferming reinigen, opdat ik uw heilig Evangelie waardig kan verkondigen.

Latijn

Per Christum, Dóminum nostrum.

Nederlands

Door Christus, onze Heer.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Jube, Dómine, benedícere. Dóminus sit in corde meo et in lábiis meis: ut digne et competénter annúntiem Evangélium suum. Amen.

Nederlands

Heer, wil mij zegenen. De Heer zij in mijn hart en op mijn lippen, opdat ik zijn Evangelie waardig en naar behoren verkondig. Amen.

Latijn

℣. Dóminus vobíscum.

Nederlands

℣. De Heer zij met u.

℟. Et cum spíritu tuo.

℟. En met uw geest.

lc 8,4–15
Latijn

Sequéntia ✠ sancti Evangélii secúndum Lucam.

℟. Glória tibi, Dómine.

In illo témpore: Cum turba plúrima convenírent, et de civitátibus properárent ad Jesum, dixit per similitúdinem: Exiit, qui séminat, semináre semen suum: et dum séminat, áliud cécidit secus viam, et conculcátum est, et vólucres cæli comedérunt illud. Et áliud cécidit supra petram: et natum áruit, quia non habébat humórem. Et áliud cécidit inter spinas, et simul exórtæ spinæ suffocavérunt illud. Et áliud cécidit in terram bonam: et ortum fecit fructum céntuplum. Hæc dicens, clamábat: Qui habet aures audiéndi, áudiat. Interrogábant autem eum discípuli ejus, quæ esset hæc parábola. Quibus ipse dixit: Vobis datum est nosse mystérium regni Dei, céteris autem in parábolis: ut vidéntes non vídeant, et audiéntes non intéllegant. Est autem hæc parábola: Semen est verbum Dei. Qui autem secus viam, hi sunt qui áudiunt: déinde venit diábolus, et tollit verbum de corde eórum, ne credéntes salvi fiant. Nam qui supra petram: qui cum audíerint, cum gáudio suscípiunt verbum: et hi radíces non habent: qui ad tempus credunt, et in témpore tentatiónis recédunt. Quod autem in spinas cécidit: hi sunt, qui audiérunt, et a sollicitudínibus et divítiis et voluptátibus vitæ eúntes, suffocántur, et non réferunt fructum. Quod autem in bonam terram: hi sunt, qui in corde bono et óptimo audiéntes verbum rétinent, et fructum áfferunt in patiéntia.

℟. Laus tibi, Christe.

Nederlands

Vervolg van het heilig Evangelie volgens Lucas.

℟. Eer zij U, Heer.

In die tijd kwam er een talrijke menigte bijeen, die vanuit de steden naar Jezus toestroomde. Dan sprak Hij in een gelijkenis: Een zaaier ging uit, om zijn zaad te zaaien. En bij het zaaien viel er een gedeelte op de weg; het werd vertrapt en de vogels des hemels aten het op. En een ander gedeelte viel op rotsige bodem; het schoot wel op, maar verdorde er bij gebrek aan vochtigheid. Weer een ander gedeelte viel midden tussen de doornen; en de doornen schoten tegelijk mede op en verstikten het. Een ander gedeelte ten slotte viel op goede bodem; het schoot op en droeg honderdvoudige vrucht. Bij deze woorden riep Hij uit: Wie oren heeft om te horen, dat hij hore! Zijn leerlingen nu vroegen Hem, wat deze gelijkenis betekende. En Hij gaf hun ten antwoord: U is het gegeven de geheimen van het rijk Gods volledig te kennen; de overigen echter slechts in gelijkenissen, opdat zij wel zien maar niet inzien, wel horen maar niet begrijpen. Dit nu is de zin van de gelijkenis: Het zaad is het Woord Gods. Waar het op de weg valt, - dat zijn zij, die wel toeluisteren, maar dan komt de duivel, en neemt het Woord weg uit hun hart, opdat zij niet geloven en zalig worden. Waar het evenwel op rotsige bodem valt, - dat zijn zij, die het Woord aanhoren, en met vreugde opnemen; doch zij laten het geen wortel schieten; zij geloven een tijdlang, maar als de beproeving komt, vallen zij af. Wat echter tussen de doornen valt, - dat zijn zij, die wel geluisterd hebben; doch door de zorgen, de rijkdom en de genietingen des levens wordt het bij hen gaandeweg verstikt, zonder dat het vrucht oplevert. Maar wat op goede bodem valt, - dat zijn zij, die het Woord met een goed en edel hart aanhoren, het bewaren, en vrucht voortbrengen door te volharden.

℟. Lof zij U, Christus.

Offerande

⋯
Latijn

℣. Dóminus vobíscum.

Nederlands

℣. De Heer zij met u.

℟. Et cum spíritu tuo.

℟. En met uw geest.

℣. Orémus.

℣. Laat ons bidden.

Latijn

Pérfice gressus meos in sémitis tuis, ut non moveántur vestígia mea: inclína aurem tuam, et exáudi verba mea: mirífica misericórdias tuas, qui salvos facis sperántes in te, Dómine.

Nederlands

Ondersteun mijn schreden op uw wegen, opdat mijn voet niet wankele. Neig uw oor tot mij en luister naar mijn smeken. Openbaar uw wonderbare barmhartigheid, Gij, o Heer, die redding schenkt aan hen, die op U vertrouwen.

Latijn

Súscipe, sancte Pater, omnípotens ætérne Deus, hanc immaculátam hóstiam, quam ego indígnus fámulus tuus óffero tibi Deo meo vivo et vero, pro innumerabílibus peccátis, et offensiónibus, et neglegéntiis meis, et pro ómnibus circumstántibus, sed et pro ómnibus fidélibus christiánis vivis atque defúnctis: ut mihi, et illis profíciat ad salútem in vitam ætérnam. Amen.

Nederlands

Aanvaard, heilige Vader, almachtige, eeuwige God, deze onbevlekte offergave, die ik, uw onwaardige dienaar, U, mijn levende en ware God, aanbied voor mijn ontelbare zonden, overtredingen en nalatigheden, voor allen hier aanwezig en voor alle gelovige christenen, levenden en overledenen, opdat zij mij en hen tot heil strekt voor het eeuwige leven. Amen.

Latijn

Deus, † qui humánæ substántiæ dignitátem mirabíliter condidísti, et mirabílius reformásti: da nobis per hujus aquæ et vini mystérium, ejus divinitátis esse consórtes, qui humanitátis nostræ fíeri dignátus est párticeps, Jesus Christus, Fílius tuus, Dóminus noster:

Nederlands

God, † die de waardigheid van de menselijke natuur wonderbaar hebt geschapen en nog wonderbaarder hebt hersteld, geef ons door het mysterie van dit water en deze wijn deel te hebben aan de godheid van Hem die heeft willen delen in onze mensheid: Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer.

Latijn

Qui tecum vivit et regnat in unitáte Spíritus Sancti Deus: per ómnia sǽcula sæculórum.

Nederlands

Die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God, in alle eeuwen der eeuwen.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Offérimus tibi, Dómine, cálicem salutáris, tuam deprecántes cleméntiam: ut in conspéctu divínæ majestátis tuæ, pro nostra et totíus mundi salúte, cum odóre suavitátis ascéndat. Amen.

Nederlands

Wij bieden U, Heer, de kelk van het heil aan en smeken uw goedertierenheid: laat hij voor uw goddelijke majesteit als een aangename geur opstijgen tot heil van ons en van de hele wereld. Amen.

Latijn

In spíritu humilitátis et in ánimo contríto suscipiámur a te, Dómine: et sic fiat sacrifícium nostrum in conspéctu tuo hódie, ut pláceat tibi, Dómine Deus.

Nederlands

Mogen wij in een geest van nederigheid en met een berouwvol hart door U worden aangenomen, Heer. Laat ons offer vandaag zo voor uw aanschijn worden voltrokken, dat het U behaagt, Heer onze God.

Latijn

Veni, sanctificátor omnípotens ætérne Deus: et bénedic hoc sacrifícium, tuo sancto nómini præparátum.

Nederlands

Kom, Heiligmaker, almachtige, eeuwige God, en zegen dit offer dat voor uw heilige naam is bereid.

Latijn

Lavábo inter innocéntes manus meas: et circúmdabo altáre tuum, Dómine: Ut áudiam vocem laudis, et enárrem univérsa mirabília tua. Dómine, diléxi decórem domus tuæ et locum habitatiónis glóriæ tuæ. Ne perdas cum ímpiis, Deus, ánimam meam, et cum viris sánguinum vitam meam: In quorum mánibus iniquitátes sunt: déxtera eórum repléta est munéribus. Ego autem in innocéntia mea ingréssus sum: rédime me et miserére mei. Pes meus stetit in dirécto: in ecclésiis benedícam te, Dómine.

Nederlands

Ik zal mijn handen wassen onder de onschuldigen en rond uw altaar gaan, Heer, om de stem van de lofzang te horen en al uw wonderen te verkondigen. Heer, ik heb de schoonheid van uw huis lief en de plaats waar uw heerlijkheid woont. Laat mijn ziel niet met de goddelozen verloren gaan, God, noch mijn leven met mannen van bloed, aan wier handen ongerechtigheid kleeft en wier rechterhand vol steekpenningen is. Ik echter ben in onschuld mijn weg gegaan: verlos mij en ontferm U over mij. Mijn voet staat op vlakke grond; in de samenkomsten zal ik U loven, Heer.

Latijn

Glória Patri, et Fílio, et Spirítui Sancto. Sicut erat in princípio, et nunc, et semper: et in sǽcula sæculórum. Amen.

Nederlands

Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Zoals het was in het begin, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Latijn

Súscipe, sancta Trínitas, hanc oblatiónem, quam tibi offérimus ob memóriam passiónis, resurrectiónis, et ascensiónis Jesu Christi, Dómini nostri: et in honórem beátæ Maríæ semper Vírginis, et beáti Joannis Baptistæ, et sanctórum Apostolórum Petri et Pauli, et istórum et ómnium Sanctórum: ut illis profíciat ad honórem, nobis autem ad salútem: et illi pro nobis intercédere dignéntur in cælis, quorum memóriam ágimus in terris.

Nederlands

Aanvaard, heilige Drie-eenheid, deze offergave, die wij U aanbieden ter gedachtenis van het lijden, de verrijzenis en de hemelvaart van Jezus Christus, onze Heer, en ter ere van de zalige Maria, altijd Maagd, van de heilige Johannes de Doper, van de heilige apostelen Petrus en Paulus, van deze heiligen en van alle heiligen. Moge zij hun tot eer en ons tot heil strekken. Mogen zij voor ons ten beste spreken in de hemel, wier gedachtenis wij vieren op aarde.

Latijn

Per eúndem Christum Dóminum nostrum.

Nederlands

Door dezelfde Christus, onze Heer.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

℣. Oráte, fratres: ut meum ac vestrum sacrifícium acceptábile fiat apud Deum Patrem omnipoténtem.

Nederlands

℣. Bidt, broeders, dat mijn en uw offer aanvaardbaar moge zijn voor God, de almachtige Vader.

℟. Suscípiat Dóminus sacrifícium de mánibus tuis ad laudem et glóriam nominis sui, ad utilitátem quoque nostram, totiúsque Ecclésiæ suæ sanctæ.

℟. Moge de Heer het offer uit uw handen aannemen tot lof en eer van zijn naam, tot welzijn van ons en van heel zijn heilige Kerk.

℣. Amen.

℣. Amen.

Stil gebed

⋯
Latijn

Oblátum tibi, Dómine, sacrifícium, vivíficet nos semper et múniat.

Nederlands

Heer, moge het offer, dat wij U opdragen, ons voortdurend nieuw leven instorten en sterken.

Latijn

Per Dóminum nostrum Jesum Christum, Fílium tuum: qui tecum vivit et regnat in unitáte Spíritus Sancti Deus, per ómnia sǽcula sæculórum.

Nederlands

Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon, die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God, door de eeuwen der eeuwen.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Prefatie en Sanctus

⋯
Latijn

℣. Dóminus vobíscum.

Nederlands

℣. De Heer zij met u.

℟. Et cum spíritu tuo.

℟. En met uw geest.

℣. Sursum corda.

℣. Verheft uw hart.

℟. Habémus ad Dóminum.

℟. Wij hebben het bij de Heer.

℣. Grátias agámus Dómino, Deo nostro.

℣. Brengen wij dank aan de Heer, onze God.

℟. Dignum et justum est.

℟. Het is passend en rechtvaardig.

Latijn

Vere dignum et justum est, æquum et salutáre, nos tibi semper et ubíque grátias ágere: Dómine sancte, Pater omnípotens, ætérne Deus: per Christum, Dóminum nostrum. Per quem majestátem tuam laudant Angeli, adórant Dominatiónes, tremunt Potestátes. Cæli cælorúmque Virtútes ac beáta Séraphim sócia exsultatióne concélebrant. Cum quibus et nostras voces ut admítti jubeas, deprecámur, súpplici confessione dicéntes:

Nederlands

Waarlijk, het is waardig en rechtvaardig, billijk en heilzaam, dat wij U altijd en overal dankzeggen: heilige Heer, almachtige Vader, eeuwige God: door Christus, onze Heer. Door Hem loven de Engelen uw majesteit, aanbidden de Heerschappijen, sidderen de Machten. De hemelen en de hemelse Krachten, en de zalige Serafijnen vieren samen in jubelende vreugde. Met hen smeken wij U dat ook onze stemmen worden toegelaten, terwijl wij in ootmoedige belijdenis zeggen:

Latijn

Sanctus, Sanctus, Sanctus, Dóminus Deus Sábaoth. Pleni sunt cæli et terra glória tua. Hosánna in excélsis. Benedíctus, qui venit in nómine Dómini. Hosánna in excélsis.

Nederlands

Heilig, heilig, heilig, Heer God der machten. Hemel en aarde zijn vol van uw heerlijkheid. Hosanna in den hoge. Gezegend Hij die komt in de naam van de Heer. Hosanna in den hoge.

Canon van de mis

⋯
Latijn

Te ígitur, clementíssime Pater, per Jesum Christum, Fílium tuum, Dóminum nostrum, súpplices rogámus ac pétimus, uti accépta hábeas et benedícas hæc dona, hæc múnera, hæc sancta sacrifícia illibáta.

Nederlands

U daarom, allerbarmhartigste Vader, door Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer, bidden en smeken wij ootmoedig, dat Gij deze gaven wilt aannemen en zegenen, deze offergaven, deze heilige en onbevlekte offers.

Latijn

in primis, quæ tibi offérimus pro Ecclésia tua sancta cathólica: quam pacificáre, custodíre, adunáre et régere dignéris toto orbe terrárum: una cum fámulo tuo Papa nostro N. et Antístite nostro N. et ómnibus orthodóxis, atque cathólicæ et apostólicæ fídei cultóribus.

Nederlands

die wij U allereerst aanbieden voor uw heilige katholieke Kerk. Wil haar vrede schenken, haar bewaren, verenigen en besturen over de hele wereld, samen met uw dienaar, onze paus N., en onze bisschop N., en allen die het rechtzinnige, katholieke en apostolische geloof belijden.

Latijn

Meménto, Dómine, famulórum famularúmque tuarum N. et N. et ómnium circumstántium, quorum tibi fides cógnita est et nota devótio, pro quibus tibi offérimus: vel qui tibi ófferunt hoc sacrifícium laudis, pro se suísque ómnibus: pro redemptióne animárum suárum, pro spe salútis et incolumitátis suæ: tibíque reddunt vota sua ætérno Deo, vivo et vero.

Nederlands

Gedenk, Heer, uw dienaren en dienaressen N. en N. en allen hier aanwezig, wier geloof en toewijding U bekend zijn. Voor hen bieden wij U dit lofoffer aan, of zij bieden het U zelf aan, voor zichzelf en al de hunnen: tot verlossing van hun zielen, in de hoop op hun heil en welzijn. Aan U, de eeuwige, levende en ware God, vervullen zij hun geloften.

Latijn

Communicántes, et memóriam venerántes, in primis gloriósæ semper Vírginis Maríæ, Genetrícis Dei et Dómini nostri Jesu Christi: sed et beáti Joseph, ejúsdem Vírginis Sponsi, et beatórum Apostolórum ac Mártyrum tuórum, Petri et Pauli, Andréæ, Jacóbi, Joánnis, Thomæ, Jacóbi, Philíppi, Bartholomǽi, Matthǽi, Simónis et Thaddǽi: Lini, Cleti, Cleméntis, Xysti, Cornélii, Cypriáni, Lauréntii, Chrysógoni, Joánnis et Pauli, Cosmæ et Damiáni: et ómnium Sanctórum tuórum; quorum méritis precibúsque concédas, ut in ómnibus protectiónis tuæ muniámur auxílio.

Nederlands

In heilige gemeenschap vereren wij de gedachtenis allereerst van de glorierijke Maria, altijd Maagd, de Moeder van onze God en Heer Jezus Christus, en ook van de heilige Jozef, de bruidegom van diezelfde Maagd, en van uw heilige apostelen en martelaren Petrus en Paulus, Andreas, Jakobus, Johannes, Thomas, Jakobus, Filippus, Bartholomeüs, Mattheüs, Simon en Thaddeüs; Linus, Cletus, Clemens, Sixtus, Cornelius, Cyprianus, Laurentius, Chrysogonus, Johannes en Paulus, Cosmas en Damianus, en van al uw heiligen. Geef ons door hun verdiensten en gebeden in alles gesterkt te worden door uw beschermende hulp.

Latijn

Per eúndem Christum Dóminum nostrum.

Nederlands

Door dezelfde Christus, onze Heer.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Hanc ígitur oblatiónem servitútis nostræ, sed et cunctæ famíliæ tuæ, quǽsumus, Dómine, ut placátus accípias: diésque nostros in tua pace dispónas, atque ab ætérna damnatióne nos éripi, et in electórum tuórum júbeas grege numerári.

Nederlands

Deze offergave van onze dienst en van heel uw huisgezin, wil die, zo bidden wij U, Heer, genadig aannemen. Orden onze dagen in uw vrede, bevrijd ons van de eeuwige verdoemenis en laat ons geteld worden onder de kudde van uw uitverkorenen.

Latijn

Per Christum, Dóminum nostrum.

Nederlands

Door Christus, onze Heer.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Quam oblatiónem tu, Deus, in ómnibus, quǽsumus, benedíctam, adscríptam, ratam, rationábilem, acceptabilémque fácere dignéris: ut nobis Corpus et Sanguis fiat dilectíssimi Fílii tui, Dómini nostri Jesu Christi.

Nederlands

Deze offerande, God, vragen wij U in alles, te zegenen, te aanvaarden, te bekrachtigen, redelijk en welgevallig te maken: opdat zij voor ons het Lichaam en Bloed worde van uw zeer geliefde Zoon, onze Heer Jezus Christus.

Latijn

Qui, prídie quam paterétur, accépit panem in sanctas ac venerábiles manus suas, et elevátis óculis in cælum ad te Deum, Patrem suum omnipoténtem, tibi grátias agens, benedíxit, fregit, dedítque discípulis suis, dicens: Accípite et manducáte ex hoc omnes: HOC EST ENIM CORPUS MEUM.

Nederlands

Die, op de avond vóór Hij leed, nam Hij het brood in zijn heilige en eerbiedwaardige handen, en terwijl Hij zijn ogen naar de hemel verhief, tot U, God, zijn almachtige Vader, bracht Hij U dank, zegende het, brak het en gaf het aan zijn leerlingen, terwijl Hij zei: Neemt en eet hiervan, gij allen: DIT IS MIJN LICHAAM.

Latijn

Símili modo, postquam cenátum est, accípiens et hunc præclárum Cálicem in sanctas ac venerábiles manus suas, item tibi grátias agens, benedíxit, dedítque discípulis suis, dicens: Accípite et bíbite ex eo omnes: HIC EST ENIM CALIX SÁNGUINIS MEI, NOVI ET ÆTÉRNI TESTAMÉNTI, MYSTÉRIUM FÍDEI, QUI PRO VOBIS ET PRO MULTIS EFFUNDÉTUR IN REMISSIÓNEM PECCATÓRUM.

Nederlands

Op gelijke wijze, nadat de maaltijd was gehouden, nam Hij ook deze voortreffelijke kelk in zijn heilige en eerbiedwaardige handen, en opnieuw dankend aan U, zegende Hij hem, en gaf hem aan zijn leerlingen, zeggend: Neemt en drinkt hier allen uit: DIT IS IMMERS DE KELK VAN MIJN BLOED, VAN HET NIEUWE EN EEUWIGE VERBOND, HET MYSTERIE VAN HET GELOOF, DAT VOOR U EN VOOR VELEN VERGOTEN ZAL WORDEN TOT VERGEVING VAN DE ZONDEN.

Latijn

Hæc quotiescúmque fecéritis, in mei memóriam faciétis.

Nederlands

Zo vaak gij dit doet, doet gij het tot mijn gedachtenis.

Latijn

Unde et mémores, Dómine, nos servi tui, sed et plebs tua sancta, ejúsdem Christi Fílii tui, Dómini nostri, tam beátæ passiónis, nec non et ab ínferis resurrectiónis, sed et in cælos gloriósæ ascensiónis: offérimus præcláræ majestáti tuæ de tuis donis ac datis, Hóstiam † puram, Hóstiam † sanctam, Hóstiam † immaculátam, Panem † sanctum vitæ ætérnæ, et Cálicem † salútis perpétuæ.

Nederlands

Daarom, Heer, gedenken wij, uw dienaren en ook uw heilig volk, het zalige lijden van dezelfde Christus, uw Zoon, onze Heer, zijn verrijzenis uit de doden en zijn glorierijke hemelvaart. Aan uw verheven majesteit bieden wij uit uw eigen gaven en geschenken een zuiver † offer, een heilig † offer, een onbevlekt † offer, het heilig † brood van het eeuwige leven en de kelk † van het blijvende heil aan.

Latijn

Supra quæ propítio ac seréno vultu respícere dignéris: et accépta habére, sicúti accépta habére dignátus es múnera púeri tui justi Abel, et sacrifícium Patriárchæ nostri Abrahæ: et quod tibi óbtulit summus sacérdos tuus Melchísedech, sanctum sacrifícium, immaculátam hóstiam.

Nederlands

Wil op deze gaven neerzien met een genadig en welwillend aanschijn en ze aannemen, zoals Gij de gaven van uw rechtvaardige dienaar Abel hebt willen aannemen, het offer van onze aartsvader Abraham en dat wat uw hogepriester Melchisedek U heeft aangeboden: een heilig offer, een onbevlekte offergave.

Latijn

Súpplices te rogámus, omnípotens Deus: jube hæc perférri per manus sancti Angeli tui in sublíme altáre tuum, in conspéctu divínæ majestátis tuæ: ut, quotquot ex hac altáris participatióne sacrosánctum Fílii tui Corpus, et Sánguinem sumpsérimus, omni benedictióne cælésti et grátia repleámur.

Nederlands

Nederig bidden wij U, almachtige God: beveel dat deze gaven door de handen van uw heilige engel naar uw verheven altaar worden gedragen, voor het aanschijn van uw goddelijke majesteit, opdat wij allen die door deelname aan dit altaar het allerheiligste Lichaam en Bloed van uw Zoon ontvangen, vervuld worden van alle hemelse zegen en genade.

Latijn

Per eúndem Christum Dóminum nostrum.

Nederlands

Door dezelfde Christus, onze Heer.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Meménto étiam, Dómine, famulórum famularúmque tuárum N. et N., qui nos præcessérunt cum signo fídei, et dórmiunt in somno pacis. Ipsis, Dómine, et ómnibus in Christo quiescéntibus locum refrigérii, lucis, et pacis, ut indúlgeas, deprecámur.

Nederlands

Gedenk ook, Heer, uw dienaren en dienaressen N. en N., die ons met het teken van het geloof zijn voorgegaan en rusten in de slaap van de vrede. Schenk hun, Heer, en allen die in Christus rusten, zo smeken wij U, een plaats van verkwikking, licht en vrede.

Latijn

Per eúndem Christum Dóminum nostrum.

Nederlands

Door dezelfde Christus, onze Heer.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Nobis quoque peccatóribus fámulis tuis, de multitúdine miseratiónum tuárum sperántibus, partem áliquam et societátem donáre dignéris, cum tuis sanctis Apóstolis et Martýribus: cum Joánne, Stéphano, Matthía, Bárnaba, Ignátio, Alexándro, Marcellíno, Petro, Felicitáte, Perpétua, Agatha, Lúcia, Agnéte, Cæcília, Anastásia, et ómnibus Sanctis tuis: intra quorum nos consórtium, non æstimátor mériti, sed véniæ, quǽsumus, largítor admítte. Per Christum, Dóminum nostrum.

Nederlands

Wil ook ons, zondaars, uw dienaren, die hopen op de overvloed van uw ontferming, enig aandeel en gemeenschap schenken met uw heilige apostelen en martelaren: met Johannes, Stefanus, Matthias, Barnabas, Ignatius, Alexander, Marcellinus, Petrus, Felicitas, Perpetua, Agatha, Lucia, Agnes, Cecilia, Anastasia en al uw heiligen. Neem ons, zo bidden wij U, op in hun gezelschap, zonder onze verdiensten te wegen, maar door ons vergeving te schenken. Door Christus, onze Heer.

Latijn

Per quem hæc ómnia, Dómine, semper bona creas, sanctíficas, vivíficas, benedícis et præstas nobis.

Nederlands

Door Hem, Heer, schept Gij steeds al deze goede gaven, heiligt ze, schenkt ze leven, zegent ze en geeft ze ons.

Latijn

Per Ipsum, et cum Ipso, et in Ipso, est tibi Deo Patri † omnipoténti, in unitáte Spíritus † Sancti, omnis honor, et glória. Per ómnia sǽcula sæculórum. Amen.

Nederlands

Door Hem en met Hem en in Hem komt U toe, God, almachtige † Vader, in de eenheid van de Heilige † Geest, alle eer en heerlijkheid. In alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Communie

⋯
Latijn

Orémus: Præcéptis salutáribus móniti, et divína institutióne formáti audémus dícere:

Nederlands

Laat ons bidden. Aangespoord door heilzame geboden en gevormd door goddelijk onderricht, durven wij zeggen:

Latijn

Pater noster, qui es in cælis, sanctificétur nomen tuum. Advéniat regnum tuum. Fiat volúntas tua, sicut in cælo et in terra. Panem nostrum quotidiánum da nobis hódie. Et dimítte nobis débita nostra, sicut et nos dimíttimus debitóribus nostris. Et ne nos indúcas in tentatiónem.

Nederlands

Onze Vader, die in de hemel zijt, uw Naam worde geheiligd. uw Rijk kome. uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood. En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren. En leid ons niet in bekoring,

Sed líbera nos a malo.

maar verlos ons van het kwade.

Amen.

Amen.

Latijn

Líbera nos, quǽsumus, Dómine, ab ómnibus malis, prætéritis, præséntibus et futúris: et intercedénte beáta et gloriósa semper Vírgine Dei Genetríce María, cum beátis Apóstolis tuis Petro et Paulo, atque Andréa, et ómnibus Sanctis, da propítius pacem in diébus nostris: ut, ope misericórdiæ tuæ adjúti, et a peccáto simus semper líberi et ab omni perturbatióne secúri.

Nederlands

Verlos ons, zo bidden wij U, Heer, van alle kwaad, verleden, heden en toekomst. Schenk ons genadig vrede in onze dagen, op voorspraak van de zalige en glorierijke Maria, altijd Maagd en Moeder van God, samen met uw heilige apostelen Petrus en Paulus, en Andreas, en alle heiligen, opdat wij, geholpen door uw barmhartigheid, steeds vrij van zonde en veilig voor alle verwarring mogen zijn.

Latijn

Per eúndem Dóminum nostrum Jesum Christum, Fílium tuum. Qui tecum vivit et regnat in unitáte Spíritus Sancti Deus. Per ómnia sǽcula sæculórum.

Nederlands

Door dezelfde Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer. Die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God. In alle eeuwen der eeuwen.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

℣. Pax Dómini sit semper vobíscum.

Nederlands

℣. De vrede van de Heer zij altijd met u.

℟. Et cum spíritu tuo.

℟. En met uw geest.

Latijn

Hæc commíxtio, et consecrátio Córporis et Sánguinis Dómini nostri Jesu Christi, fiat accipiéntibus nobis in vitam ætérnam. Amen.

Nederlands

Moge deze vermenging en consecratie van het Lichaam en Bloed van onze Heer Jezus Christus ons, die ze ontvangen, tot eeuwig leven strekken. Amen.

Latijn

Agnus Dei, qui tollis peccáta mundi: miserére nobis. Agnus Dei, qui tollis peccáta mundi: miserére nobis. Agnus Dei, qui tollis peccáta mundi: dona nobis pacem.

Nederlands

Lam Gods, Gij die de zonden van de wereld wegneemt, ontferm U over ons. Lam Gods, Gij die de zonden van de wereld wegneemt, ontferm U over ons. Lam Gods, Gij die de zonden van de wereld wegneemt, geef ons de vrede.

Latijn

Dómine Jesu Christe, qui dixísti Apóstolis tuis: Pacem relínquo vobis, pacem meam do vobis: ne respícias peccáta mea, sed fidem Ecclésiæ tuæ; eámque secúndum voluntátem tuam pacificáre et coadunáre dignéris:

Nederlands

Heer Jezus Christus, die tot uw apostelen hebt gezegd: Vrede laat Ik u na, mijn vrede geef Ik u: zie niet op mijn zonden, maar op het geloof van uw Kerk; en wil haar naar uw wil vrede en eenheid schenken.

Latijn

Qui vivis et regnas Deus per ómnia sǽcula sæculórum.

Nederlands

Gij die leeft en heerst, God, in alle eeuwen der eeuwen.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Dómine Jesu Christe, Fili Dei vivi, qui ex voluntáte Patris, cooperánte Spíritu Sancto, per mortem tuam mundum vivificásti: líbera me per hoc sacrosánctum Corpus et Sánguinem tuum ab ómnibus iniquitátibus meis, et univérsis malis: et fac me tuis semper inhærére mandátis, et a te numquam separári permíttas:

Nederlands

Heer Jezus Christus, Zoon van de levende God, die volgens de wil van de Vader, met de medewerking van de Heilige Geest, door uw dood aan de wereld het leven hebt geschonken: bevrijd mij door dit allerheiligste Lichaam en Bloed van U van al mijn ongerechtigheden en van alle kwaad. Geef dat ik mij steeds aan uw geboden houd en laat mij nooit van U gescheiden worden.

Latijn

Qui cum eódem Deo Patre et Spíritu Sancto vivis et regnas Deus in sǽcula sæculórum.

Nederlands

Gij die met dezelfde God de Vader en de Heilige Geest leeft en heerst, God, in de eeuwen der eeuwen.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Percéptio Córporis tui, Dómine Jesu Christe, quod ego indígnus súmere præsúmo, non mihi provéniat in judícium et condemnatiónem: sed pro tua pietáte prosit mihi ad tutaméntum mentis et córporis, et ad medélam percipiéndam:

Nederlands

Laat het ontvangen van uw Lichaam, Heer Jezus Christus, dat ik, onwaardige, durf te nuttigen, mij niet tot oordeel en veroordeling strekken. Moge het door uw goedheid dienen tot bescherming van ziel en lichaam en mij genezing brengen.

Latijn

Qui vivis et regnas cum Deo Patre in unitáte Spíritus Sancti Deus, per ómnia sǽcula sæculórum.

Nederlands

Gij die leeft en heerst met God de Vader in de eenheid van de Heilige Geest, God, in alle eeuwen der eeuwen.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Panem cæléstem accípiam, et nomen Dómini invocábo.

Nederlands

Ik zal het hemelse brood ontvangen en de naam van de Heer aanroepen.

Latijn

Dómine, non sum dignus, ut intres sub tectum meum: sed tantum dic verbo, et sanábitur ánima mea.

Nederlands

Heer, ik ben niet waardig dat Gij onder mijn dak komt; maar spreek slechts een woord en mijn ziel zal gezond worden.

Dómine, non sum dignus, ut intres sub tectum meum: sed tantum dic verbo, et sanábitur ánima mea.

Heer, ik ben niet waardig dat Gij onder mijn dak komt; maar spreek slechts een woord en mijn ziel zal gezond worden.

Dómine, non sum dignus, ut intres sub tectum meum: sed tantum dic verbo, et sanábitur ánima mea.

Heer, ik ben niet waardig dat Gij onder mijn dak komt; maar spreek slechts een woord en mijn ziel zal gezond worden.

Latijn

Corpus Dómini nostri Jesu Christi custódiat ánimam meam in vitam ætérnam. Amen.

Nederlands

Moge het Lichaam van onze Heer Jezus Christus mijn ziel bewaren voor het eeuwige leven. Amen.

Latijn

Quid retríbuam Dómino pro ómnibus, quæ retríbuit mihi? Cálicem salutáris accípiam, et nomen Dómini invocábo. Laudans invocábo Dóminum, et ab inimícis meis salvus ero.

Nederlands

Wat zal ik de Heer vergelden voor alles wat Hij mij heeft geschonken? Ik zal de kelk van het heil ontvangen en de naam van de Heer aanroepen. Lovend zal ik de Heer aanroepen en ik zal van mijn vijanden gered worden.

Latijn

Sanguis Dómini nostri Jesu Christi custódiat ánimam meam in vitam ætérnam. Amen.

Nederlands

Moge het Bloed van onze Heer Jezus Christus mijn ziel bewaren voor het eeuwige leven. Amen.

Latijn

Ecce Agnus Dei, ecce, qui tollit peccáta mundi.

Nederlands

Zie het Lam Gods, zie Hem die de zonden van de wereld wegneemt.

Latijn

Dómine, non sum dignus, ut intres sub tectum meum: sed tantum dic verbo, et sanábitur ánima mea.

Nederlands

Heer, ik ben niet waardig dat Gij onder mijn dak komt; maar spreek slechts een woord en mijn ziel zal gezond worden.

Dómine, non sum dignus, ut intres sub tectum meum: sed tantum dic verbo, et sanábitur ánima mea.

Heer, ik ben niet waardig dat Gij onder mijn dak komt; maar spreek slechts een woord en mijn ziel zal gezond worden.

Dómine, non sum dignus, ut intres sub tectum meum: sed tantum dic verbo, et sanábitur ánima mea.

Heer, ik ben niet waardig dat Gij onder mijn dak komt; maar spreek slechts een woord en mijn ziel zal gezond worden.

Latijn

Corpus Dómini nostri Jesu Christi custódiat ánimam tuam in vitam ætérnam. Amen.

Nederlands

Moge het Lichaam van onze Heer Jezus Christus uw ziel bewaren voor het eeuwige leven. Amen.

Latijn

Quod ore súmpsimus, Dómine, pura mente capiámus: et de múnere temporáli fiat nobis remédium sempitérnum.

Nederlands

Laat ons, Heer, met een zuiver hart opnemen wat wij met de mond hebben ontvangen, en laat deze tijdelijke gave voor ons een geneesmiddel voor de eeuwigheid worden.

Latijn

Corpus tuum, Dómine, quod sumpsi, et Sanguis, quem potávi, adhǽreat viscéribus meis: et præsta; ut in me non remáneat scélerum mácula, quem pura et sancta refecérunt sacraménta:

Nederlands

Moge uw Lichaam, Heer, dat ik heb ontvangen, en uw Bloed, dat ik heb gedronken, diep in mij blijven. Geef dat er geen smet van zonde in mij achterblijft, nu deze zuivere en heilige sacramenten mij hebben gesterkt.

Latijn

Qui vivis et regnas in sǽcula sæculórum.

Nederlands

Gij die leeft en heerst in de eeuwen der eeuwen.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Latijn

Introíbo ad altáre Dei, ad Deum, qui lætíficat juventútem meam.

Nederlands

Ik zal opgaan naar het altaar van God, naar God, die de blijdschap is van mijn jeugd.

Slotgebed

⋯
Latijn

℣. Dóminus vobíscum.

Nederlands

℣. De Heer zij met u.

℟. Et cum spíritu tuo.

℟. En met uw geest.

℣. Orémus.

℣. Laat ons bidden.

Latijn

Súpplices te rogámus, omnípotens Deus: ut, quos tuis réficis sacraméntis, tibi étiam plácitis móribus dignánter deservíre concédas.

Nederlands

Wij vragen U ootmoedig, almachtige God, laat hen, die Gij door uw Sacramenten verkwikt, U ook naar behoren en waardig dienen.

Latijn

Per Dóminum nostrum Jesum Christum, Fílium tuum: qui tecum vivit et regnat in unitáte Spíritus Sancti Deus, per ómnia sǽcula sæculórum.

Nederlands

Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon, die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God, door de eeuwen der eeuwen.

Latijn

Amen.

Nederlands

Amen.

Wegzending

⋯
Latijn

℣. Dóminus vobíscum.

Nederlands

℣. De Heer zij met u.

℟. Et cum spíritu tuo.

℟. En met uw geest.

Latijn

℣. Ite, missa est.

Nederlands

℣. Gaat, de Mis is geëindigd.

℟. Deo grátias.

℟. Wij danken God.

Latijn

Pláceat tibi, sancta Trínitas, obséquium servitútis meæ: et præsta, ut sacrifícium, quod óculis tuæ majestátis indígnus óbtuli, tibi sit acceptábile, mihíque et ómnibus, pro quibus illud óbtuli, sit, te miseránte, propitiábile. Per Christum, Dóminum nostrum. Amen.

Nederlands

Moge het U behagen, heilige Drieëenheid, de dienst van mijn toewijding; en geef dat het offer, dat ik, onwaardig, voor uw majesteit heb opgedragen, voor U aanvaardbaar zij, en voor mij en allen, voor wie ik het heb opgedragen, door uw barmhartigheid, verzoenend moge zijn. Door Christus, onze Heer. Amen.

Latijn

℣. Benedícat vos omnípotens Deus, Pater, et Fílius, ✝ et Spíritus Sanctus.

Nederlands

℣. Moge de almachtige God u zegenen, de Vader, en de Zoon, ✝ en de Heilige Geest.

℟. Amen.

℟. Amen.

Laatste evangelie

⋯
Latijn

℣. Dóminus vobíscum.

Nederlands

℣. De Heer zij met u.

℟. Et cum spíritu tuo.

℟. En met uw geest.

Latijn

℣. Inítium sancti Evangélii secúndum Joánnem.

Nederlands

℣. Begin van het heilig Evangelie volgens Johannes.

℟. Glória tibi, Dómine.

℟. Eer zij U, Heer.

jo 1,1–2
Latijn

In princípio erat Verbum, et Verbum erat apud Deum, et Deus erat Verbum. Hoc erat in princípio apud Deum.

Nederlands

In het begin was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God. Dit was in het begin bij God.

jo 1,3–5
Latijn

Ómnia per ipsum facta sunt: et sine ipso factum est nihil, quod factum est. In ipso vita erat, et vita erat lux hóminum: et lux in ténebris lucet, et ténebræ eam non comprehendérunt.

Nederlands

Alles is door Hem geworden, en zonder Hem is niets geworden van wat geworden is. In Hem was het leven, en het leven was het licht van de mensen; en het licht schijnt in de duisternis, en de duisternis heeft het niet gegrepen.

jo 1,6–8
Latijn

Fuit homo missus a Deo, cui nomen erat Joánnes. Hic venit in testimónium, ut testimónium perhibéret de lúmine, ut omnes créderent per illum. Non erat ille lux, sed ut testimónium perhibéret de lúmine.

Nederlands

Er was een mens door God gezonden, zijn naam was Johannes. Deze kwam als getuige, om te getuigen van het licht, opdat allen door hem zouden geloven. Hij was niet het licht, maar hij moest getuigen van het licht.

jo 1,9–11
Latijn

Erat lux vera, quæ illúminat omnem hóminem veniéntem in hunc mundum. In mundo erat, et mundus per ipsum factus est, et mundus eum non cognóvit. In própria venit, et sui eum non recepérunt.

Nederlands

Het was het ware licht, dat ieder mens verlicht die in deze wereld komt. Hij was in de wereld, en de wereld is door Hem geworden, maar de wereld heeft Hem niet gekend. Hij kwam tot het Zijne, maar de Zijnen hebben Hem niet ontvangen.

jo 1,12–13
Latijn

Quotquot autem recepérunt eum, dedit eis potestátem fílios Dei fíeri, his, qui credunt in nómine ejus: qui non ex sanguínibus, neque ex voluntáte carnis, neque ex voluntáte viri, sed ex Deo nati sunt.

Nederlands

Maar allen die Hem hebben aangenomen, heeft Hij de macht gegeven kinderen van God te worden, aan hen die geloven in zijn Naam: die niet uit bloed, noch uit begeerte van het vlees, noch uit de wil van een man, maar uit God geboren zijn.

jo 1,14–14
Latijn

ET VERBUM CARO FACTUM EST, et habitávit in nobis: et vídimus glóriam ejus, glóriam quasi Unigéniti a Patre, plenum grátiæ et veritátis. ℟. Deo grátias.

Nederlands

En het Woord is vlees geworden, en het heeft onder ons gewoond; en wij hebben zijn heerlijkheid aanschouwd, de heerlijkheid als van de Eniggeborene van de Vader, vol van genade en waarheid. ℟. Wij danken God.