Exodus · 26

Tekstweergave
Tekstweergave
Lettergrootte
18 px

Verzen

⋯
1
Latijn

Tabernaculum vero ita facies : decem cortinas de bysso retorta, et hyacintho, ac purpura, coccoque bis tincto, variatas opere plumario facies.

Nederlands

De tabernakel nu zul je zo maken: tien tentdoeken van getwijnd fijn linnen, en van hemelsblauw, purper en scharlaken, veelkleurig bewerkt met borduurwerk, zul je maken.

2
Latijn

Longitudo cortinæ unius habebit viginti octo cubitos : latitudo, quatuor cubitorum erit. Unius mensuræ fient universa tentoria.

Nederlands

De lengte van één tentdoek zal achtentwintig el bedragen; de breedte zal vier el zijn. Alle tentdoeken zullen van éénzelfde maat zijn.

3
Latijn

Quinque cortinæ sibi jungentur mutuo, et aliæ quinque nexu simili cohærebunt.

Nederlands

Vijf tentdoeken zullen onderling verbonden worden, en de andere vijf zullen met eenzelfde verbinding samenhangen.

4
Latijn

Ansulas hyacinthinas in lateribus ac summitatibus facies cortinarum, ut possint invicem copulari.

Nederlands

Hemelsblauwe lussen zul je maken aan de zijkanten en de uiteinden van de tentdoeken, zodat zij onderling verbonden kunnen worden.

5
Latijn

Quinquagenas ansulas cortina habebit in utraque parte, ita insertas ut ansa contra ansam veniat, et altera alteri possit aptari.

Nederlands

Vijftig lussen zal een tentdoek hebben aan elke zijde, zo aangebracht dat lus tegen lus komt en de ene aan de andere kan worden bevestigd.

6
Latijn

Facies et quinquaginta circulos aureos quibus cortinarum vela jungenda sunt, ut unum tabernaculum fiat.

Nederlands

Ook zul je vijftig gouden ringen maken waarmee de doeken van de tent verbonden moeten worden, zodat er één tabernakel ontstaat.

7
Latijn

Facies et saga cilicina undecim, ad operiendum tectum tabernaculi.

Nederlands

Ook zul je elf geitenharen dekken maken, om het dak van de tabernakel te bedekken.

8
Latijn

Longitudo sagi unius habebit triginta cubitos, et latitudo, quatuor : æqua erit mensura sagorum omnium.

Nederlands

De lengte van één dek zal dertig el bedragen, en de breedte vier el; de maat van alle dekken zal gelijk zijn.

9
Latijn

E quibus quinque junges seorsum, et sex sibi mutuo copulabis, ita ut sextum sagum in fronte tecti duplices.

Nederlands

Daarvan zul je vijf afzonderlijk verbinden, en zes zul je onderling verbinden, zo dat je het zesde dek aan de voorkant van het dak dubbel maakt.

10
Latijn

Facies et quinquaginta ansas in ora sagi unius, ut conjungi cum altero queat, et quinquaginta ansas in ora sagi alterius, ut cum altero copuletur.

Nederlands

Ook zul je vijftig lussen maken aan de rand van het ene dek, zodat het met het andere verbonden kan worden, en vijftig lussen aan de rand van het andere dek, zodat het met het andere verbonden wordt.

11
Latijn

Facies et quinquaginta fibulas æneas quibus jungantur ansæ, ut unum ex omnibus operimentum fiat.

Nederlands

Ook zul je vijftig bronzen haken maken waarmee de lussen verbonden worden, zodat uit alle één bedekking ontstaat.

12
Latijn

Quod autem superfuerit in sagis quæ parantur tecto, id est unum sagum quod amplius est, ex medietate ejus operies posteriora tabernaculi.

Nederlands

Wat echter overblijft van de dekken die voor het dak gereedgemaakt worden, dat is het ene dek dat over is, met de helft daarvan zul je de achterkant van de tabernakel bedekken.

13
Latijn

Et cubitus ex una parte pendebit, et alter ex altera qui plus est in sagorum longitudine, utrumque latus tabernaculi protegens.

Nederlands

En één el zal aan de ene kant neerhangen, en één aan de andere kant, wat meer is in de lengte van de dekken, en zo beide zijden van de tabernakel beschermen.

14
Latijn

Facies et operimentum aliud tecto de pellibus arietum rubricatis : et super hoc rursum aliud operimentum de janthinis pellibus.

Nederlands

Ook zul je een ander bedekking voor het dak maken van roodgeverfde ramsvellen; en daarover weer een andere bedekking van blauwachtige vellen.

15
Latijn

Facies et tabulas stantes tabernaculi de lignis setim,

Nederlands

Ook zul je staande planken voor de tabernakel maken van acaciahout,

16
Latijn

quæ singulæ denos cubitos in longitudine habeant, et in latitudine singulos ac semissem.

Nederlands

die elk tien el in de lengte hebben, en in de breedte anderhalve el.

17
Latijn

In lateribus tabulæ, duæ incastraturæ fient, quibus tabula alteri tabulæ connectatur : atque in hunc modum cunctæ tabulæ parabuntur.

Nederlands

Aan de zijkanten van de plank zullen twee verbindingspennen gemaakt worden, waarmee de ene plank aan de andere plank verbonden wordt; en op deze manier zullen alle planken gereedgemaakt worden.

18
Latijn

Quarum viginti erunt in latere meridiano quod vergit ad austrum.

Nederlands

Daarvan zullen er twintig zijn aan de zuidzijde, die naar het zuiden gericht is.

19
Latijn

Quibus quadraginta bases argenteas fundes, ut binæ bases singulis tabulis per duos angulos subjiciantur.

Nederlands

Daarvoor zul je veertig zilveren voetstukken gieten, zodat er twee voetstukken onder elke plank komen, onder de twee hoeken.

20
Latijn

In latere quoque secundo tabernaculi quod vergit ad aquilonem, viginti tabulæ erunt,

Nederlands

Ook aan de tweede zijde van de tabernakel, die naar het noorden gericht is, zullen er twintig planken zijn,

21
Latijn

quadraginta habentes bases argenteas, binæ bases singulis tabulis supponentur.

Nederlands

met veertig zilveren voetstukken; twee voetstukken zullen onder elke plank geplaatst worden.

22
Latijn

Ad occidentalem vero plagam tabernaculi facies sex tabulas,

Nederlands

Aan de westelijke zijde echter van de tabernakel zul je zes planken maken,

23
Latijn

et rursum alias duas quæ in angulis erigantur post tergum tabernaculi.

Nederlands

en weer twee andere, die in de hoeken opgericht worden achter de achterkant van de tabernakel.

24
Latijn

Eruntque conjunctæ a deorsum usque sursum, et una omnes compago retinebit. Duabus quoque tabulis quæ in angulis ponendæ sunt, similis junctura servabitur.

Nederlands

En zij zullen verbonden zijn van onderen tot bovenen, en één verbinding zal ze allemaal samenhouden. Ook voor de twee planken die in de hoeken geplaatst moeten worden, zal eenzelfde verbinding bewaard worden.

25
Latijn

Et erunt simul tabulæ octo, bases earum argenteæ sedecim, duabus basibus per unam tabulam supputatis.

Nederlands

En samen zullen er acht planken zijn, hun zilveren voetstukken zestien, met twee voetstukken onder elke plank gerekend.

26
Latijn

Facies et vectes de lignis setim quinque ad continendas tabulas in uno latere tabernaculi,

Nederlands

Ook zul je vijf dwarsbalken van acaciahout maken om de planken aan de ene zijde van de tabernakel bijeen te houden,

27
Latijn

et quinque alios in altero, et ejusdem numeri ad occidentalem plagam :

Nederlands

en vijf andere aan de andere zijde, en van hetzelfde aantal aan de westelijke zijde:

28
Latijn

qui mittentur per medias tabulas a summo usque ad summum.

Nederlands

die door het midden van de planken gevoerd zullen worden, van het ene uiteinde tot het andere uiteinde.

29
Latijn

Ipsas quoque tabulas deaurabis, et fundes in eis annulos aureos per quos vectes tabulata contineant : quos operies laminis aureis.

Nederlands

Ook de planken zelf zul je met goud overtrekken, en in hen zul je gouden ringen gieten waardoor de dwarsbalken de plankenzijden bijeenhouden; die zul je met gouden platen bedekken.

30
Latijn

Et eriges tabernaculum juxta exemplar quod tibi in monte monstratum est.

Nederlands

En je zult de tabernakel oprichten volgens het voorbeeld dat jou op de berg getoond is.

31
Latijn

Facies et velum de hyacintho, et purpura, coccoque bis tincto, et bysso retorta, opere plumario et pulchra varietate contextum :

Nederlands

Ook zul je een voorhangsel maken van hemelsblauw, purper, scharlaken en getwijnd fijn linnen, met borduurwerk en een mooie veelkleurigheid geweven:

32
Latijn

quod appendes ante quatuor columnas de lignis setim, quæ ipsæ quidem deauratæ erunt, et habebunt capita aurea, sed bases argenteas.

Nederlands

dat je ophangt voor vier zuilen van acaciahout, die zelf verguld zullen zijn, en gouden knoppen zullen hebben, maar zilveren voetstukken.

33
Latijn

Inseretur autem velum per circulos, intra quod pones arcam testimonii, quo et sanctuarium, et sanctuarii sanctuaria dividentur.

Nederlands

Het voorhangsel zal echter door de ringen gevoerd worden, en daarbinnen zul je de ark van het getuigenis plaatsen, waardoor zowel het heiligdom als het heilige der heiligen gescheiden zal worden.

34
Latijn

Pones et propitiatorium super arcam testimonii in Sancto sanctorum,

Nederlands

Ook zul je het verzoendeksel plaatsen boven de ark van het getuigenis in het heilige der heiligen,

35
Latijn

mensamque extra velum, et contra mensam candelabrum in latere tabernaculi meridiano : mensa enim stabit in parte aquilonis.

Nederlands

en de tafel buiten het voorhangsel, en tegenover de tafel de kandelaar aan de zuidelijke zijde van de tabernakel; want de tafel zal aan de noordelijke kant staan.

36
Latijn

Facies et tentorium in introitu tabernaculi de hyacintho, et purpura, coccoque bis tincto, et bysso retorta, opere plumarii.

Nederlands

Ook zul je een tentdoek maken voor de ingang van de tabernakel, van hemelsblauw, purper, scharlaken en getwijnd fijn linnen, met borduurwerk.

37
Latijn

Et quinque columnas deaurabis lignorum setim, ante quas ducetur tentorium : quarum erunt capita aurea, et bases æneæ.

Nederlands

En vijf zuilen van acaciahout zul je vergulden, waarvoor het tentdoek geleid zal worden; daarvan zullen de knoppen gouden zijn en de voetstukken bronzen.